Archief voor januari 2009

Steunpunt

zaterdag 31 januari 2009

Houd uw gezicht naar de zon, dan kunt u de scha­duw niet zien. Hel­len Kel­ler (1880−1968) Ik kan beves­ti­gen dat ouder­dom met gebre­ken komt. ’n Hekje overs­prin­gen pro­beer ik allang niet meer (al kan ik me niet heu­gen dat ooit gedaan te heb­ben, maar dat ter­zi­jde) en steeds vaker slaak ik ’n zucht wan­neer ik me […]

Met ’t gezicht tegen de muur

vrijdag 30 januari 2009

De erva­ring is een arts, die altijd pas komt als de ziekte voor­bij is. Mme Dus­sére “Goe­de­mor­gen. Ik heb ’n afspraak met de derma­to­loog.” De assis­tente contro­leerde m’n pons­kaartje met haar com­pu­ter­gegevens. Dan reikte ze me ’t pas­je terug aan. “U mag in de wacht­kamer plaats­nemen.” zei ze. En dat was pre­cies wat ik deed. Zonder […]

Noothulp

donderdag 29 januari 2009

Tijd ver­mor­sen, de enige vers­pilling die geen afval ach­ter­laat. Berg­man (1921) “Even snel.” zei Billy die avond door de tele­foon. “Pom­pom­pom­pom. Pom­pom­pom­pom. Pom­pom­pom­pòòm pòòm pom­pom.” Ik dacht na, maar kwam niet over de drem­pel. “Doe nog es.” zei ik. “Pom­pom­pom­pom. Pom­pom­pom­pom. Pom­pom­pom­pòòm pòòm pom­pom.” deed Billy. Ik pie­ker­de nog even door. Tot­dat ik ’t in enen wist. “O For­tuna.” gilde […]

Lettertang

woensdag 28 januari 2009

Het is mees­tal beter voor de mens, door het geweld van zijn harts­toch­ten geheel gebro­ken te wor­den, dan slechts ten halve, en daarna te leren met deze harts­toch­ten eco­no­misch om te gaan. Dirk Cos­ter (1887−1956) Ik zat, met col­le­ga M, ergens in Utrecht, in ’n voor ’n hotel ge­par­keer­de auto. We wacht­­ten op de terugkeer […]

Blokkade

dinsdag 27 januari 2009

De rich­ting van onze geest is belan­grij­ker dan haar voo­ruit­gang. Joseph Jou­bert (1754−1824) De man en de vrouw voor me belem­mer­den me de door­gang op de rol­trap. “Par­don.” zei ik daarom beleefd. Ik wist dat bene­den, aan ’t einde van de band, m’n trein klaar­stond om te ver­trek­ken. Maar de man en de vrouw waren […]

“Ik voel ’n afstand…”

maandag 26 januari 2009

Wie men heeft zien sla­pen kan men nooit meer haten. Elias Canetti (1905−1994) We zijn onze gleuf kwijt. Hoera! Na elf jaar op twee matrassen-​​​​naast-​​​​mekaar te heb­ben ges­la­pen met de onver­mi­j­de­lijke richel d’rtussen, heb­ben we nu ons ver­stand gebruikt en de keuze ge­maakt voor ’n solide model uit één stuk. Ik was hele­maal ver­ge­ten dat je […]

Nijdas

zondag 25 januari 2009

In de scheers­pie­gel /​​ De man die ik heb inge­zeept /​​ zit lelijk met mij opge­scheept. Simon Car­mig­gelt (1913  –  1987) Ik zat met de kwast in m’n maag. Dat ver­telde ik Billy. “Hoezo?” zei­die. “Je hebt d’r toch geen spijt van?” “Wel­nee.” zei­die. “Maar ik had ’n vro­lijk stukje willen schri­j­ven over hoe we ’n nieuwe scheerk­wast hebben […]

Vreemde vogel

zaterdag 24 januari 2009

Geen vogel verheft zich te hoog wan­neer hij zich op zijn eigen vleu­gels verheft. William Blake (1757−1827) We zaten naar Moe­ders vogel­boom te kij­ken. Da’s de Japanse haze­laar die is vol­ge­han­gen met vet­bol­len en pinda’s en waar de vogels af en aan vlie­gen. Met ’n ver­re­kij­ker en ’n vogel­boek houdt Moe­der de flad­de­raars in de gaten. […]

Druktoetsen

vrijdag 23 januari 2009

De waar­heid heeft van nature een komisch effect, mits ze niet kwet­send is. Eras­mus (1469−1536) “Heb je door­getrokken?” vroeg ik. Col­lega I, met wie ik op ’n Bedri­jfsdag in A was, schrok toen ze, terug­kerend van heur toilet­bezoek, mij met deze vraag op zich af zag ge­stormd. Ze bleef in de deu­ro­pe­ning staan. “Huh?” zei ze. “Wah?” Ik […]

Kort en bondig

donderdag 22 januari 2009

Drink nooit zwarte kof­fie tij­dens de lunch; het houdt je de god­ganse namid­dag wak­ker. James Feni­more Cooper (1789−1851) Dit was, wat je met recht ’n vrouwtje mocht noe­men. Ande­rhalve meter hoog was ze. Haar voe­ten bun­gel­den over de stoel­rand. Maar aan­lei­ding om haar lengte bes­preek­baar te maken was d’r nog niet geweest. Tot iemand  —  geen idee […]

als ik niet leef, ga ik dood

View in: Mobile | Standard