Archief voor mei 2010

Rolprent

maandag 31 mei 2010

Acte­ren heeft met eer­lij­kheid te maken. Als je kan doen alsof je eer­lijk bent, dan bén je er. George Burns (1896−1996) “Ken je dat niet?” De don­kere jon­gen die ons tegen­hield leek oprecht ver­baasd. Hij had uit­ge­legd dat we niet ver­der moch­ten lopen omdat er ‘n speel­film werd opge­no­men. “Sonny Boy.” had ie gezegd toen we […]

Overhoring

zondag 30 mei 2010

Je zal nooit dui­ven begri­j­pen tot je je rea­li­seert dat er aan dui­ven niets te begri­j­pen valt. James Thur­ber (1894−1961 “Maar goed dat ie geen bedrijf in China is ges­tart.” zei de vrouw met de rode pumps. De vrouw met de instap­pers knikte. “Daar had je toch niet aan moe­ten den­ken.” zei ze. “Hij is wel […]

Hoor en wederhoor

zaterdag 29 mei 2010

Je ziet je gedachte pas dui­de­lijk als ze in de wereld van een ander weers­pie­geld wordt. Louisa May Alcott (1832−1888) ‘t Meisje droeg ‘n grote zon­ne­bril op d’r neus en ‘n mobiele tele­foon aan d’r rech­te­roor. “Ik ga hun die ver­sla­gen niet geven.” zei ze luid en veront­waar­digd. “Hun hoe­ven die ver­sla­gen toch niet te […]

Mister Cellophane

vrijdag 28 mei 2010

Onze gebre­ken bli­j­ven ons altijd trouw, onze goede eigen­schap­pen maken elk ogen­blik kleine slip­pertjes. Marie von Ebner-​​​​Eschenbach (1830−1916) “We noe­men jul­lie de Billys.” ver­klapte Peter. “Da’s kor­ter dan Billy en René.” De reik­wijdte van die mede­de­ling werd pas later dui­de­lijk. Niet veel later, trou­wens. Eigen­lijk al toen we Peter voor de kof­fie bedank­ten en we […]

Nu weet ik ‘t alweer

donderdag 27 mei 2010

Het beeld dat ik van mezelf heb ver­schilt zeer van het beeld dat ik pro­beer te creë­ren in de geest van ande­ren met het doel hun liefde te win­nen. W.H. Auden (1907−1973) Ik had geen eens in de gaten dat ik geluid maakte. Of mis­schien ook wel, maar niet zo dat ande­ren ‘t hoor­den. Maar […]

Overstekelijk

woensdag 26 mei 2010

Fiet­sen in de stad is als eten met een ket­ting­zaag: het gaat goed voor­uit, maar het is levens­ge­vaar­lijk. Tom Lanoye (1958) ‘t Was ‘n onge­hoord staaltje zelf­ken­nis, dat moet gezegd. Of was ‘t meer zelf­spot? Afijn, ‘t zette me wel even op ‘t ver­keerde been. Maar wat wil je ook, als je al van verre […]

Torn Between Two Lovers

dinsdag 25 mei 2010

Door het bestaan heen wors­te­len komt neer op een gevoel voor humor en een wijs iemand pro­be­ren te wor­den die om alles kan lachen. Glenn Close (1947) “Eigen­lijk is Den Haag onze stad.” zei Billy na ‘n week­einde Des Indes, Tong Tong, bit­ter­bal­len en bro­cante. Ik kon ‘t alleen maar bea­men, ter­wijl de spoor­we­gen ons steeds […]

Haags lofje

maandag 24 mei 2010

Als je een knoop hebt, moet je een jas maken. Harry Mulisch (1927) Vol­gens de ver­ko­per van de naast ‘t hotel gele­gen over­hem­den– en jas­jes­win­kel waren we z’n volle buren. “Want jul­lie wonen nu even naast ons, toch?” Daar was geen speld tus­sen te kri­j­gen, von­den we. “Voor welke gele­gen­heid is ‘t eigen­lijk?” vroeg ie. “We hebben […]

Vlucht

zondag 23 mei 2010

Er vlie­gen altijd meeu­wen boven de zee, wat wij ook pro­be­ren, wij zul­len nooit vlie­gen als zij, wat zij ook pro­be­ren, zij zul­len nooit men­sen zijn. Conrad van de Wee­te­ring (1929) Ik vers­ti­jfde. “M’n hemel.” kreet ik. “Hoe heb­ben we dit kun­nen doen?” Billy glim­lachte. “D’r is toch niks aan de hand?” zei­die. Ik schudde m’n […]

Onderneming

zaterdag 22 mei 2010

Je moet begin­nen aan de top en er op bli­j­ven zit­ten. Oscar Wilde (1854−1900) Gla­zi­ger had ik ‘m zel­den zien kij­ken. Ik pro­beerde ‘m daarom voor­zich­tig te hel­pen. “Nul zesent­win­tig.” zei ik ‘m zachtjes voor. ‘t Meisje van de Kamer van Koop­han­del pro­beerde niet te grin­ni­ken. “M’n tele­foon?” sta­melde Billy. “Num­mer. Ze wil gewoon je telefoonnummer […]

als ik niet leef, ga ik dood

View in: Mobile | Standard